Weblog over de geschiedenis van de familie van Egten en StruikPosts RSS Comments RSS

Print Print

Tjabring Struik, kanonnier 2e klasse, stukrijder 2e Regiment Veld Artillerie 1893-1897, uitgeleend aan de landmacht in Nederlandsch-Indië

De militaire geschiedenis van Tjabring Struik was bij een ieder in de familie bekend. Hij had in Atjeh gevochten... Wat dat precies inhield wist eigenlijk niemand. Kennelijk praatte hij daar weinig over. Ik zag het dan ook als een mooie uitdaging om daar meer over te weten te komen. Er waren wel enkele goed aanknopingspunten. Zo is één van de oudste foto’s in de familie Struik bovenstaande. Tjabring Struik heeft daar zijn militaire uniform aan. De foto is waarschijnlijk ergens tussen 1900 en 1903 genomen. Voor zijn verrichtingen in Atjeh had hij ook een medaille gekregen. De medaille, de kleine medaille om gewoon te dragen en de oorkonde is na zijn overlijden naar mijn opa gegaan en op dit moment in bezit van Aad.

De oorkonde en medaille bij Aad aan de muur. Er zit ook een medaille van de stad Leiden bij en een mini-uitvoering van het ereteken.

Gelukkig had mijn moeder nog een velletje met aantekeningen over deze medaille zodat het duidelijk was dat het ging om het ereteken Atjeh 1873-1896. Er is ooit van het origineel overgeschreven wat er staat. Helaas is het handschrift af en toe slecht leesbaar dus zijn sommige stukjes niet opgeschreven. Maar samen met andere transcripties van dit soort documenten is wel goed te herleiden wat er staat: De Minister van Coloniën Gezien hebbende het Koninklijk Besluit van den 19 Februari 1869 no 13 waarbij een Eereteken is ingesteld voor hen, die deel hebben genomen aan belangrijke krijgsbedrijven. Verklaart dat Tjabring Struik stukrijder van het 2e Regiment Veld Artillerie gerechtigd is tot het dragen van het voormeld eereteken met den gesp Atjeh 1873-1896, hebbende hij als Kanonnier der 2e Klasse deelgenomen aan … krijgsverrichtingen in Atjeh in het jaar 1895. 's-Gravenhage De Minister voornoemd den 23 December 1899 De Secretaris Generaal. A. E. Elias De medaille zelf zilverkleurig met een geel groen lint. Er zijn op Internet diverse afbeeldingen van te vinden. Zoals deze van Atjeh 1896-1900. De site www.onderscheidingen.nl meldt het volgende:
Het is een vierarmig Berlijns zilveren kruis met een middellijn van 40 millimeter. In het midden van het kruis is een medaillon geplaatst. Hierop de afbeelding van Koning Willem III binnen een jarretel met het opschrift "VOOR KRIJGSVERRIGTINGEN". Tussen de armen van het kruis is een krans van eikenbladeren mét eikels. Op elk der armen is een "W" afgebeeld.

Uit de genealogische en andere gegevens wisten we al wel dat zijn militaire carrière niet lang heeft geduurd. Maar hoe die er precies uit zag was onbekend. Vandaar dat ik besloot om een bezoekje te brengen aan het Nationaal Archief in Den Haag. Daar liggen alle militaire stamboeken uit de 19e eeuw. Die bieden een summier overzicht van militairen die. in Nederlands-Indië gediend hebben. Echt makkelijk zijn ze niet te raadplegen. Allereerst moet je weten wanneer iemand ongeveer gediend heeft. Je kan dan zijn stamboek nummer opzoeken in de namenklapper. Die staan op 35 mm film in kast D18, lade 2. Meestal een film tussen nr 3 en 12. In mijn geval film 11.

film11

 

 Ik vond daar het nummer van het folio (bladzijde) waaronder Tjabring Struik ingeschreven is in het Suppletieregister. Het nummer was 37327 ( 244 folio's 37199-37409)

namenklapper-tjabring-struik

Met dat gevonden nummer wende ik me weer tot de balie en de mevrouw gaf me instructies wat nu op te vragen. Het bleek om het eigenlijke register, nummer 244, te gaan. Een knots van een boek!

Per dubbele pagina staan drie personen. Onderaan stond inderdaad het dossier van Tjabring Struik. Ik zal de onderdelen behandelen: Bovenaan in grote gekrulde letters staat ss Princes Wilhelmina vertrokken uit Amsterdam den 18 Mei 1895, aangekomen te Batavia 26 Juni 1895 Doorloopende nummers 1. 16327 Algemeen Stamboeknummer in Indië 2. 42172 Namen en Voornamen 3. Struik Tjabring Namen der ouders, geboorteplaats, datum van geboorte, laatste woonplaats en signalement 4. Vader: Cornelis Moeder: Eltje Mulder Geboren te: Groningen / Gron den: 1 December 1873 Laatst gewoond te: Groningen Bij zijne aankomst bij het korps lang 1,8 Meter Aangezicht: ovaal Voorhoofd: laag Oogen: grijs Neus: spits Mond: klein Kin: spits Haar: dr. blond Wenkbrauwen: idem Merkbare teekenen: geen Waar - hetzij binnen of buitenlands - in dienst getreden: omschrijving van het aangegaan akkoord, en de verder militaire loopbaan 5. Bij het 2e Regt. Veld Artie. den 9 " Maart 1893 ingedeeld als nummer verwisselaar met Aiko Wories van de lichting van 1893 uit de gemeente Groningen/ Gron onder No. 272, op dato kanonnier stukrijder 19 Februari 1894; den 28" Februari 1895 met groot verlof. Krachtens Z. M. Besluit van 29 Juli 1873 No 39 staatsblad No 119 op den 18 April 1895 overgenomen van het 2" Regt Veld Artie als gedetacheerd bij de landmacht in Ned. Indië voor twee jaren, in gaande van en met den dag der ontscheping aldaar met f 200 gratificatie. Bestemd als milicien kanonnier. Bijgewoonde veldtochten, bekomen wonden, uitstekende daden: wanneer en op welke wijze afgegaan 6. Reg Afm Fol 231/97 3 Juli 1897 naar Nederland afgezonden naar Nederland wegens eindiging van de detacheringstermijn. Eereteken B. K. Atjeh 1873-1896 [ .... 11/27 1899 3 ] Opmerkingen 7. C. Struik ten huize van W. Groenendal Vischmarkt te Groningen .. Burgemr. Gron 1896/6215 Terug per: Oengaran Aangekomen te: Rotterdam den: 11 augustus 1897 Contract overtocht ...      8/18 97 - 43

ss Oengaran

Een aantal opvallende zaken: - Tjabring Struik was lang voor zijn tijd. 1.80 meter, net zo lang als ik zelf. - Hij was een nummerverwisselaar. Dat hield in dat hij voor iemand anders in de plaats militaire dienst deed. In zijn geval ene Aike Wories. - Hij zat bij de Artillerie - Bij opmerkingen staat het adres van zijn vader, Cornelis Struik. Zo te zien woonde die op de Vischmarkt bij ene W. Groenedal in. Ik vermoed dat dit Willem Groenendal was. Die is volgens de gegevens van de burgerlijke stand getrouwd met iemand van de familie Mulder, Annechien Mulder. De vrouw van Cornelis Struik was ook een Mulder, Eltje Mulder. Dit adres was nodig ivm. met onheilsberichten, immers de soldaat in kwestie kon natuurlijk overlijden en degene die hier genoemd werd kon dan worden gewaarschuwd. De Suppletieregisters werden in Nederland bijgehouden, militaire gegevens werden opgetekend tot en met het moment van vertrek naar Nederlands-Indië. In het Suppletieregister vond ik nog een belangrijk nummer, namelijk het Algemeen Stamboeknummer in Indië; 42172. Met hulp van dit nummer is het mogelijk om nog een inschrijving te vinden. Dit boek werd in Indië zelf bijgehouden. Hiervan bestaan alleen nog maar foto opnames, die met speciale leesapparatuur moet worden bekeken. Inhoudelijk verschilt het document niet veel van de inhoud van het Suppletieregister, maar één detail valt direct op: "1895 Krijgsverrichtingen tegen Atjeh" Dit ene zinnetje geeft aan dat hij daadwerkelijk gevochten heeft in Atjeh. Het document geeft verder geen informatie hoe en waar. Maar het is nu wel mogelijk om beter te bepalen waar hij mogelijk gevochten heeft. Duidelijk is dat dit pas eind 1895 kan zijn geweest. Immers hij komt op 26 juni 1895 aan. Dat betekend dat hij op zijn vroegst in juli in Atjeh kan zijn aangekomen. Ik heb gezien dat er in 1936 een boek is geschreven over de periode 1895-1897: “Waar kris en klewang dreigden. Een episode uit den heldenstrijd op Atjeh 1895-1897.” Ik heb het besteld en zal kijken of daar meer aanknopingspunten in te vinden zijn. Van het document in het Algemeen Stamboek kon ik een afdruk maken: Algemeen Stamboek No. 42172 Doorlopend Korps No. - Namen en voornamen Struik,  Tjabring Namen der ouders, geboorteplaats, datum van geboorte, laatste woonplaats en signalement 4. Vader: Cornelis Moeder: Eltje Mulder Geboren te: Groningen / Groningen den: 1 December 1873 Laatst gewoond te: Groningen Gehuwd den Aangezicht: ovaal Voorhoofd: laag Oogen: grijs Neus: spits Mond: klein Kin: spits Haar: dr. blond Wenkbrauwen: idem Merkbare teekenen: lengte 1.8 Meter Staat van dienst tot inscheping naar Oost-Indië 9 Maart 1893 bij het 2e Regiment Veld Artillerie ingedeeld als N/ V W  met Aike Wories van de lichting van 1893 uit de gemeente Groningen / Groningen onder No. 272. Op dato kanonnier 19 Februari 1894 stukrijder. 28 Februari 1895 met groot verlof krachtens Kon. Besl. Van den 29 Juli 1878 No 38 Staatsblad no 119 / op den 18 April 1895 overgenomen vanuit het 2e Regiment Veld Artillerie  bij de landmacht in Nederlandsch-Indië voor 2 jaren, ingaande van en met den dag der ontscheping aldaar met f 200 gratificatie. Bestemd als milicien kanonnier. Embarkement naar, debarkement in Indië en omschrijving der militaire loopbaan in deze gewesten Geëmbarkeerd en gedebarkeerd als  boven en ov plaatst bij het wapen der Artillerie. 26 Juni 1897 ter afzending naar Nederland overgegaan bij het Subs. Kader te Semarang 1895 Krijgsverrichtingen tegen Atjeh 30 april 1897 machtiging verleent om hem bij expiratie van den detacherings termijn naar Nederland op te zenden. Kunnenden hem het certifikaat van goed gedrag worden uitgereikt. 5 Juli 1897 derwaarts vertrokken met stoomschip Oengaran Uit het Algemeen Stamboek blijkt ook weer duidelijk dat hij bij de Artillerie zat. Ook is duidelijk dat hij van 26 juni 1897 t/m 5 juli 1897 nog een korte tijd in Semarang gelegerd was. Subs Kader staat voor Subsistenten Kader en waren de manschappen die tijdelijk bij een soort reserve onderdeel zaten, bv voordat ze naar Nederland werden terug gestuurd. Ook elders op Internet heb ik nu een dergelijke militair gevonden. Deze man heeft ook op dezelfde boot terug gevaren als mijn overgrootvader. (http://www.ringhen.web-log.nl/Pagina1.doc). Enkele maanden later, maar toch dezelfde route. Om aan extra informatie te komen bedacht ik me opeens het volgende: Mogelijk heeft Tjabring Struik wel eens met zijn kleinkinderen gepraat over zijn tijd in Indië. Mijn moeder heeft me wel eens verteld dat oom Brink een ijzeren geheugen heeft. Hij woont wel in Perth Australië, maar heeft natuurlijk gewoon telefoon!

Ik heb gebeld en inderdaad wist hij wel het één en ander te herinneren. Een verslag:

Brink: Opa vertelde inderdaad wel eens over zijn tijd in Indië. Nooit over gevechtshandelingen, maar wel over het land en de bewoners waar hij van was gaan houden. Dat was iets wat niet aangemoedigd werd. Er werd juist door zijn meerderen gewezen op het constante gevaar van “de inlanders”. Zo moesten de inlandse soldaten altijd voorop lopen bij patrouilles, want ze zouden anders misschien de Hollandse soldaten wel in de rug kunnen schieten. Hij vertelde ook wel dat hij in de kazerne altijd moest kijken of er niet een inlandse vrouw in zijn bed was gekropen. Wij als kleinkinderen hebben echter nooit gehoord wat er gebeurde als dat wel een keer zo was. Op één van de certificaten heb ik gezien dat hij stukrijder was. Dat is degene die voor de paarden zorgt die de kanonnen trekken. Later werd hij vuilnisman, ook met paard en wagen. Kennelijk had hij een voorliefde (ontwikkeld) voor paarden. Hij had ooit toen hij verlof had de Tangkuban Prahu bezocht, een vulkaan ten noorden van Bandung. Dat vond hij een onvergetelijke ervaring. Hij wist ook dat dit “Omgekeerde Prauw” betekende. Hij kende ook best wel wat Maleis en was daar trots op. Brink meende te zich te herinneren dat een van zijn onderscheidingen een medaille was voor zijn deelname aan de Lombok Expeditie. Nu was deze beroemde eerste en tweede expeditie in 1894, toen hij nog in Nederland was. Wel was het in 1896 en 1897 onrustig in Lombok, dus mogelijk is hij daar toch geweest. Nog een bron die ik nog niet geprobeerd had; mijn moeder! Ook zij wist nog wel iets te herinneren: "Opa vertelde weinig over zijn tijd in Indië. Wel had ik het idee dat hij met de mensen daar ter plaatse te doen had. Hij heeft ooit eens verteld dat hij samen met zijn maten gebruik maakte van een "koelie" die hun in een wagentje in de stromende regen, moeson, trok. Eenmaal op bestemming aangekomen weigerden zijn maten hem te betalen en joegen hem weg. Hij vond dat vreselijk. Hij heeft mijn oma leren kennen toen hij in de Morspoortkazerne in Leiden gelegerd was. Hij ging bij haar eten buiten de kazerne." Ik zal later nog eens proberen om te kijken of ik kan achterhalen waar hij mogelijk is geweest in Nederlands-Indië. Dat zal zeker niet makkelijk zijn. Ook is het leuk om het verhaal achter zijn legering in de Morspoortkazerne te achterhalen. Hij had immers zijn contract uitgediend toen hij uit Indië vertrok, dus geen militair meer lijkt me toen hij weer in Rotterdam aankwam. Op 29 april 2010 ben ik nog een keer terug geweest naar het nationaal Archief. Allereesrt om te kijken of overgroot vader Doeke van Egten ook te vinden was in de stamboeken. De zoon van Wouter van Egten, Cornelis had me er op gewezen dat hij zoiets gehoord had over hem. Dat was helaas niet het geval. Daarnaast heb ik gekeken in het Register van  Afmonstering (toegang 2.10.50.01 inventrais nummer 165 (periode 1881-1910). Ik heb het in zijn geheel gefotografeerd, maar helaas niets gevonden. Ik had een nummer gevonden van dit register 231/97, maar het boek was op alfabeth geordend en niet op folio nummer... Het Algemeen stamboek nummer van Tjabring Struik is 42172 Deze moet ik zeker opvragen: 2.10.50 Koloniën / Stamboeken Militairen Oost- en West-Indië 449-486 onderofficieren en minderen geworven in en buiten Europa in volgorde van het bij aankomst bij het leger in Oost-Indië toegekend algemeen stamboeknummer, nummers 1-98000. 1832 - ca. 1940 38 banden 471  'algemeen stamboek'-nummers 40890- 47548, 1895 - 1897

Ook kan ik nog het Nummer in de Kwartaallijst / Kwartaalstaat "Algemeen Stamboek" opvragen. Toegang 2.10.50, inventaris nr 449-486 en ook 835. Hierbij moet je ook uitgaan van het Algemeen Stamboek nummer. Je vind hier vaak maar één regel, maar mogelijk wel weer met verwijzingen.

Bij een later bezoek aan het naztionaal Archief realiseerde ik me opeens dat in mijn verhaal ik iets belangrijks over het hoofd had gezien. Op de foto staat mijn overgrootvader in uniform op de foto met zijn medaille. Ook staat er op het document, in de tegenwoordige tijd, dat hij stukrijder is het 2e Regiment Veld Artillerie. Uit de informatie in het NA, een serie boeken over legerplaatsten van onderdelen blijkt inderdaad dat in 1897 het tweede regiment veld-artillerie in Leiden gelegerd was en wel de staf, de 5e en 6e batterij. Aan de hand van die gegevens kan ik weer verder op zoek of mijn aanname klopt. Het moet haast wel zo zijn, want wat zou hij anders in Leiden doen als militair in de Morspoort kazerne.  tweede-regiment-veld-artillerie  

http://www.theshipslist.com/ships/lines/nederland.htm

http://www.geheugenvannederland.nl/?/nl/items/NFA02:chb-5035-5

http___members.home.nl_hupkens_stamboek http://www.milwiki.nl/milwiki/index.php?n=Onderzoek.Art03

http://home.hetnet.nl/~philip73/geschiedenismolendeput.htm#De%20Morschpoort%20kazerne%201815%20-1980

http://www.nationaalarchief.nl/collectie/ondersteuning/bladen/

http://www.nationaalarchief.nl/images/3_2003.pdf http://www.nationaalarchief.nl/toegangen/pdf/NL-HaNA_2.10.50.ead.pdf OP ZOEK NAAR MILITAIREN VANAF 1813 Aanwijzingen voor onderzoek naar een onderofficier of mindere van de landmacht vanaf 1813, informatie blad nummer 7: http://www.nationaalarchief.nl/images/3_2069.pdf

2 responses so far

2 Responses to “Tjabring Struik, kanonnier 2e klasse, stukrijder 2e Regiment Veld Artillerie 1893-1897, uitgeleend aan de landmacht in Nederlandsch-Indië”

  1. Michielon Dec 19th 2008 at 12:00

    Geweldig!

  2. elisabeth struikon Dec 20th 2008 at 18:33

    Dag Tjabring
    Ben ontroerd over de informatie van mijn Opa zijn tijd op Atjeh.Wat heeft hij het daat moilijk gehad om bevelen op te volgen denk ik.Hij had medelijden met de bevolking en hield vwn het land.Ben blij met de uigebreide informatie .Bedankt Tjabring.Mag ik even melden dat de tocht met koelie gemaakt werd in de moesson tijd.Ga zo door